Blog
Visie•Juni 2026

Het eiland mondzorg

Waarom de mondzorg digitaal achterloopt op de rest van de zorg, en hoe we die brug vanuit de praktijk bouwen

Omar BadarneMKA-chirurg en domeinexpert van Dentalizer
Het eiland mondzorg

Op digitaal gebied heeft de mondzorg een achterstand op de rest van de zorg. Veel zorgprocessen sluiten nog niet aan op de eisen die we aan een modern medisch EPD stellen. Dat is geen kwestie van een enkele praktijk; het speelt breed binnen de mondzorg in Nederland.

Beperkte medicatiebewaking

Een voorbeeld. In de zorg als geheel belanden dagelijks naar schatting 75 patiënten in het ziekenhuis door een vermijdbaar medicatie-incident (bron: medicatieoverdracht.nl). Welk aandeel daarvan met de mondzorg samenhangt, is niet bekend.

VWS stuurt daarom op betere medicatieoverdracht, onder meer via MP9 (Medicatieproces versie 9) en de aansluiting van elektronische voorschrijfsystemen (EVS) daarop. In de mondzorg is een EVS echter nog geen gemeengoed: veel praktijken werken met mondzorgspecifieke software die een EVS niet of beperkt ondersteunt.

Daardoor ontbreekt in een groot deel van de mondzorg een effectieve elektronische medicatiebewaking. Dat is een gemiste kans voor de patiëntveiligheid, en het is slechts één voorbeeld.

Eén patiënt, één voorgeschiedenis

De positie van de mondzorg als eiland binnen de Nederlandse gezondheidszorg is steeds moeilijker vol te houden. De huisarts, de medisch specialist en de tandarts behandelen dezelfde patiënt, en die patiënt heeft één medische voorgeschiedenis.

Tussen huisarts en specialist wordt deze medische voorgeschiedenis soepel en digitaal uitgewisseld, maar met de tandarts verloopt dat nog moeizaam. De tandarts is vaak nog afhankelijk van wat de patiënt zelf vertelt over aandoeningen, allergieën en medicatiegebruik. Dat maakt zorgvuldig handelen lastiger dan nodig. Het is grotendeels een erfenis van het moment waarop de mondzorg organisatorisch los kwam te staan van de medische zorg.

Wat we in de praktijk merken

Als behandelaars merken we dit dagelijks. Een voorgeschiedenis die onvolledig of niet actueel is, een medicatielijst die niet klopt, een verslag dat laat binnenkomt, of een röntgenfoto die elders is gemaakt en niet beschikbaar is, waardoor in een spoedsituatie soms een nieuwe opname nodig is.

Databeschikbaarheid is in de mondzorg nog onvoldoende geregeld: niet tussen praktijken onderling en niet tussen praktijk en patiënt.

Het kader bestaat al

Op papier is het in Nederland goed geregeld. De Wegiz, de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg, beschrijft helder hoe gegevensuitwisseling zou moeten verlopen.

In de praktijk staat de mondzorg daar echter nog ver vanaf en de handhaving heeft zich tot nu toe vooral op andere delen van de zorg gericht. Dat zegt iets over de omvang van de stap die nog te zetten is: het verschil tussen wat de wet vraagt en wat in de mondzorg vandaag haalbaar is, is aanzienlijk.

Hoe komen we verder?

Een oplossing ontstaat niet vanachter het bureau alleen. Beleidsmakers en softwareleveranciers spelen een belangrijke rol, maar een EPD dat zonder de dagelijkse gebruikers wordt ontworpen, sluit zelden goed aan op de praktijk.

Daarom zijn we zelf aan de slag gegaan. Een groep behandelaars, tandartsen en kaakchirurgen, heeft de zorgprocessen stap voor stap tegen het licht gehouden. De tandarts bracht de dagelijkse praktijk in; de kaakchirurg kent zowel de medische als de tandheelkundige wereld en kon beide verbinden.

Vanuit die samenwerking hebben we een medisch EPD ontwikkeld dat de mondzorg verbindt met de medische zorg, ontworpen vanuit de praktijk. Het laat zien dat een werkbare oplossing van binnenuit kan ontstaan.

Een beweging, geen eindpunt

Een begin is nog geen eindpunt. Wat hier is ontstaan, zien we als een beweging die sterker wordt naarmate meer mensen meedoen. We zoeken collega's die willen meebouwen aan de doorontwikkeling: behandelaars die hun praktijkkennis inbrengen en meedenken over de volgende verbindingen tussen de medische sector en de mondzorg.

Het bespreekbaar maken van dit onderwerp bij instanties rond VWS heeft effect: er is aandacht ontstaan en een groeiende bereidheid om de mondzorg beter aan te sluiten op de algemene zorg. Dat momentum kunnen we benutten door het mee vorm te geven, in plaats van te wachten tot het voor ons geregeld wordt.

De mondzorg hoeft geen eiland te blijven. De brug daarheen bouwen we het beste vanuit de praktijk, samen met de behandelaars die er dagelijks mee werken.

Wilt u meedenken of meebouwen? Ik kom graag in contact met collega's die aan deze beweging willen bijdragen.

Vond je dit artikel waardevol? Deel het met je netwerk.